Spek & BoonenSPEK & BOONEN

Hoe rundvlees ontstaat

Twee manieren om een koe groot te brengen

Bijna al het rundvlees dat in dit land verkocht wordt, komt op één manier tot stand. Het onze op de andere. Het verschil is niet het ras op het etiket. Het is of het dier gevoederd werd om te groeien, of graasde om te leven. Zo houdt u ze uit elkaar, en kunt u elke slager beoordelen, ook ons.

De voederbak

Het meeste rundvlees is intensief. Het dier wordt gefokt om voeder snel in spieren om te zetten, staat een groot deel van zijn leven op stal en wordt afgemest op graan: granen, maïskuil en bijproducten van andere voedingsindustrieën. In België betekent dat suikerbietenpulp van de suikerraffinaderijen en afgekeurde aardappelen van de frietfabrieken, in de laatste maanden vervoederd. Het is efficiënt, het is goedkoop per kilo, en de weide waarin u de dieren in de zomer ziet staan, is niet wat hen vetmestte. Dat deed de voederbak.

Gebouwd voor de voederbak

Drie kwart van het rode vlees dat hier geproduceerd wordt, komt van één dier, het Belgisch Witblauw. Zijn befaamde dubbele bespiering komt van één natuurlijke genwijziging die de rem op de spiergroei uitschakelt. De keerzijde is fysiek: hetzelfde dier draagt kleinere organen voor zijn formaat, een hart, longen en darmen die ongeveer een zesde kleiner zijn dan die van een gewone koe. Een kleinere darm bevat minder gras. Daarom kan het Belgisch Witblauw in de praktijk niet op de weide afgemest worden; het heeft er de tank niet voor. Het krijgt krachtvoeder omdat het niet anders kan. Dat is geen schandaal. Het is gewoon waar het ras voor dient, en het is het grootste deel van het rundvlees in het land.

Het label redt u niet

Mensen grijpen naar de bekende Franse rassen om hieraan te ontsnappen, de Limousin, de Blonde d'Aquitaine, de Charolais, en de oude streekrunderen. Het zijn betere dieren, met meer zorg grootgebracht, vaak de zomer lang op gras. Maar lees hun eigen reglementen. Het beschermde Charolais-label staat een kilo krachtvoeder per dag toe in de afmestperiode. Het Maine-Anjou-label staat het niet alleen toe, het vereist het. Het Franse Label Rouge staat granen toe en vraagt maar vijf maanden weidegang per jaar. Zelfs het zeldzame oude Vlaamse rode ras heeft een graanafmestfase in zijn eigen charter staan. Dat zijn goede labels, eerlijk beheerd. Geen enkel is grasafgewerkt. De zorg is echt, de grasafwerking niet.

Het land

Extensief is de andere weg. Weinig dieren per hectare, trage groei, en het land dat het voederen doet. Onze Galloways grazen het hele jaar door in de natuurgebieden van Natuurpunt, op gras in de zomer en op hooi dat in diezelfde gebieden gemaaid wordt in de winter. Niets uit een voederbak. Ze zijn er om de grond open te houden voor de planten en vogels die dat nodig hebben; het rundvlees is wat dat werk achterlaat. Het duurt zes tot twaalf jaar, geen achttien maanden. Dat is het verschil dat u proeft.

Grasgevoerd is niet grasafgewerkt

"Grasgevoerd" is hier geen beschermd woord. Er is geen Belgische of Europese wet die het definieert, dus het kan op het etiket staan van een koe die de hele zomer graasde en de hele herfst op graan werd afgemest. Bijna elke koe is grasgevoerd volgens die maatstaf. Het woord dat iets betekent, is het woord dat u zelden ziet: grasafgewerkt. Het betekent nooit graan, tot helemaal op het einde. Dat is de grens die bijna niemand aanhoudt. Voor zover wij weten verkoopt geen enkele andere toog in België enkel grasafgewerkt rundvlees, nooit vermengd met graangevoerd. Vindt u er een, laat het ons weten; we zouden hen graag ontmoeten.